Fobieën, hypochondrie en andere angststoornissen

HOME  |  Beperkingen op een rij  |  Fobieën, hypochondrie en andere angststoornissen

Fobieën, hypochondrie en andere angststoornissen

Angststoornissen is een verzamelnaam voor psychische aandoeningen waarbij er sprake is van de aanwezigheid van een pathologische angst. Een gemeenschappelijk kenmerk van de verschillende angststoornissen is dat er sprake is van bovenmatige angst. Mensen met een angststoornis zijn ook angstig als er geen echt gevaar is of reageren extreem angstig op een niet erg gevaarlijke situatie. Er is sprake van een angststoornis als zij last hebben van hun angst en beperkt worden in hun functioneren, doordat zij de voor hun angstige situaties gaan vermijden. Angststoornissen komen vaak voor en behoren tot de meest voorkomende psychiatrische aandoeningen.

De meest voorkomende angststoornissen zijn:

Fobieën

Kenmerken:

  • Last van een aanhoudende en irrationele angst voor een bepaald object, dier of een bepaalde situatie.
  • Sociale fobie is een speciale vorm van fobie. Er  is dan angst voor situaties waarin de kans bestaat dat je kritisch beoordeeld wordt door anderen en/of dat je jezelf belachelijk maakt. Mensen met een sociale fobie vermijden zoveel mogelijk de angstige situaties en hebben allerlei strategieën om zich niet in de angstige situaties te hoeven begeven.

Hypochondrie

Kenmerken:

  • Voortdurend angstig om een ernstige ziekte te krijgen.
  • Zien onschuldige lichamelijke verschijnselen als mogelijke tekenen van een ernstige ziekte.

Paniekaanvallen

Kenmerken:

  • Onverwachte paniekaanvallen, hierbij zijn allerlei lichamelijke reacties die in korte tijd heel hevig worden, zoals hartkloppingen, zweten, trillen of ademnood en het gevoel van flauwvallen. De angst voor deze paniekaanvallen maakt dat steeds meer situaties worden vermeden waar een paniekaanval zou kunnen voorkomen.

Dwangstoornissen

Kenmerken:

  • Last van steeds terugkerende dwanggedachten en/of -handelingen. Deze gedachten of handelingen ontstaan vanuit angst dat er iets erg gaat gebeuren. Met de handelingen hopen mensen deze bedreigingen te voorkomen. Dwanghandelingen hebben dus wel een functie, maar realistisch gezien gaat het om handelingen die geen zin hebben. Bijvoorbeeld steeds opnieuw afkloppen uit angst dat er anders een ongeluk gebeurt, of op een bepaalde manier de deur open doen. Voorbeelden van dwangstoornissen zijn smetvrees, controledwang en teldwang.

Iemand met een angststoornis als werknemer

Het hebben van een angststoornis is zeker niet altijd een belemmering in het functioneren op het werk. Er zijn ook positieve kenmerken:

  • Meestal goed in staat om zijn angst onder controle te houden.
  • Werk geeft structuur, houvast en afleiding, waardoor iemand met werk vaak beter functioneert dan iemand zonder werk.

Handvaten voor begeleiding van mensen met een angststoornis:

  • Het is van belang om de angst te erkennen. Ook al lijkt de angst niet realistisch, een discussie hierover voeren is zinloos.
  • Stimuleer de werknemer angstige situaties tegemoet te treden. Zonder te dwingen en realiseer dat elke kleine stap voor iemand met veel angst een hele grote stap is.
    Beloon elke vooruitgang veel en nadrukkelijk.

Interessante links over angststoornissen en werken

www.angst.nl/angst-en-werk

Voor meer informatie over de verschillende angststoornissen kunt u kijken op www.psychischegezondheid.nl/angststoornissen

Bron teksten: 

Deze teksten zijn samengesteld door Talent = Onbeperkt, een training- en adviesbureau dat investeert in een gezonde en duurzame samenwerking tussen mensen,
met én zonder beperking. Uitgangspunt van de dienstverlening is dat talent onbeperkt is. Kijk naar ieder talent, niet naar ieders beperkingen.

www.talentisonbeperkt.nl

Top